Langs de waterlijn – Van Noord naar Zuid.. en terug
Uit de fotoberg
facteur-8
Archief
Categorie

Het allerminste is toch de zak of roe…

Sint, oh Sint we vragen niet veel,
Maar geef de VNF toch ook eens z’n rechtmatig deel.

Luister even naar onze belevenissen,
Of het straf waard is moet u zelf beslissen.
Het allerminste is toch de zak of roe,
Of stuur ze maar naar Spanje toe.
We laten ons niet langer met een pepernoot in het riet sturen,
We hebben het lang genoeg moeten bezuren.

Zaterdag, eind van de dag een mooi plekje gezocht,
Want zondag wordt er niet gevaren.
Twee nachten strenge vorst later waren we verkocht,
We ploeterden en tobden ons de blaren.
Volgens de regels, met ijs, twee sluismeesters per schip,
Eén voor twee schepen kwam ons ter beschikking.
Al snel zaten we in een enorme dip,
Een vijfmeter sluis werd een verschrikking.

Om de twee kilometer de deuren van een sluis vrij hakken,
Dat laat je humeur al heel snel zakken.
Het zou nog gaan met goed materiaal,
Maar dat begrijpt de VNF nog niet helemaal.
Met het invallen van de vorst moeten ze de pikhaken nog maken,
Denken ze ooit aan scheepvaartzaken?
Komt er ooit iets van de vaarkosten terug in dit kanaal,
We denken aan wraak en een enorm schandaal.

Vier sluizen en zes uur later was de limiet,
We wilden onze schepen niet slopen.
We stuurden de koppen in het bevroren riet,
En begonnen op de ijsbreker te hopen.
Ongeveer 1250 ton lading ligt hier nood te lijden,
We hebben naar al de chefs en opperchefs getelefoneerd.
Wie oh wie komt ons bevrijden,
Zeg niet dat we het niet hebben geprobeerd.

De VNF heeft op het oog professionele waar,
Maar de ijsbreker hangt van speklappen aan elkaar.
Zolang het vriest mag hij niet varen,
Nee, pas als het dooit mag hij de klus gaan klaren.
Maar ze zeggen ook dat zodra men de motor lopen laat,
Hij al na zo’n tien meter naar de kelder gaat.
Dat is dan het pronkstuk van de regio Chaumont,
Die nog nooit een stukje ijs breken kon.

Afijn we liggen hier dachten we redelijk goed,
Een stadje met winkels in de buurt.
De plaatselijke belangstelling geeft ons moed,
Alleen de VNF heeft nog niemand gestuurd.
Maar ondertussen zakken we ieder uur schever,
Want de VNF doet voor de schepen geen zak.
Wat we ook vragen vinden ze maar gezever,
Je ligt toch te diep en sturen de politie op je dak.

Maar na twee dagen kwam dan de dooi,
Dus wij weer bellen namens ons konvooi.
Kom nu maar, nu kan je er door,
Anders gaan we de pers bellen hoor!
En ja, een kwartiertje later werden we gebeld,
“Hij loopt warm, u krijgt wat u heeft besteld.”
Sint dank u dat u ons heeft verhoord,
Over de VNF dus voorlopig geen kwaad woord.

Het bloed begint te kriebelen in onze aderen,
De bevrijding komt dichterbij.
De verlossing begint al te naderen,
misschien zijn we vanmiddag al vrij.
Rond de middag begon het ijs te kraken,
Onze redders komen om de bocht.
Tijd om de motor gereed te gaan maken,
En verder te gaan met onze barre tocht.

ANJA & LIESBETH

4 Responses to Het allerminste is toch de zak of roe…

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *